Een reconstructie van een levensgeschiedenis van Simon Petrus, een mens van vlees en bloed, die onder invloed van Christus komt en dat gaat zijn leven helemaal stempelen tot zijn eigen verbazing.
Uit Mattheüs 16:
Toen vroeg Hij hun: ‘En jullie, wie zeggen jullie dat Ik ben?’ 16‘U bent de messias, de Zoon van de levende God,’ antwoordde Simon Petrus. 17Daarop zei Jezus tegen hem: ‘Gelukkig ben je, Simon Barjona, want dit is je niet door mensen van vlees en bloed geopenbaard, maar door mijn Vader in de hemel. 18En Ik zeg je: jij bent Petrus, en op die rots zal Ik mijn kerk bouwen; de poorten van het dodenrijk zullen haar niet overweldigen. 19Ik zal je de sleutels van het koninkrijk van de hemel geven; alles wat je op aarde bindend verklaart zal ook in de hemel bindend zijn, en alles wat je op aarde ontbindt zal ook in de hemel ontbonden zijn.’
Deze foto is gemaakt in de Sint Pieterskerk. Het is de koepel van de kerk, het hoogste punt dus. Op de foto zie je nog een heel klein stukje van het baldakijn boven het – waarschijnlijke – graf van Petrus.
In die koepel vind je de tekst uit Mattheüs in het Latijn. Waar lange tijd het Grieks dé internationale taal was (tot ca. 400) wordt dat tot ver in (bijna onze tijd!) het Latijn. Wat het Engels nu is, was het Latijn lang: dé internationale voertaal. De koepel staat precies boven het graf van Petrus. Je vindt die foto onderaan het verhaal dat ik nu verder probeer te vertellen.
In één blik zie je dus wat er is gebeurd in de loop der eeuwen: een eenvoudige visser uit Galilea ver weg is diep gaan vertrouwen dat Jezus de Messias is. Heeft zijn angsten voor mensen en de dood overwonnen en heeft het veilige Kafarnaüm verlaten vanwege Jezus. En is uiteindelijk in Rome beland én gestorven vanwege Jezus. In het vertrouwen dat God hem door de dood heen zou halen. Punt!
Puntkomma dus…. Want die Petrus én Rome zijn in de loop der eeuwen – hoe bijzonder is dat, als je er goed over nadenkt – het centrum geworden van een wereldkerk! En die vormt tot op vandaag overal ter wereld (minus de plekken waar de oosters-orthodoxe kerken hun plek hebben) levendige geloofsgemeenschappen. Het graf van Petrus én die tekst in die koepel symboliseren de kracht en macht van de Rooms Katholieke kerk. En daar kun je van alles van vinden en zeggen….. Dat ga ik proberen…. Nou ja, van alles is teveel gezegd en gevraagd. Een aantal dingen wil ik aanstippen. Onder het motto:
Twijfelachtige schoonheid
In het voorjaar ben ik geregeld aan de kust van Noord-Holland. Dan is het daar prachtig mooi: overal zijn er bloeiende bloembolvelden. Zo kleurrijk, prachtig! Wat je niet ziet is dat er heel veel gif wordt gebruikt om die bollen te telen. De schoonheid heef daarmee iets dubbels. Prachtig én giftig.
Wie in de Sint Pieter binnenkomt wordt getroffen door de pracht en praal. Echt mooi! Het mooist is misschien nog wel de Pièta van Michelangelo (zie de foto hieronder in de fotogalerij). De gestorven Jezus op de schoot van Maria. Michelangelo, wij hebben Rembrandt, de Italianen hebben Michelangelo, Carvaccio en nog veel meer….. De kerken hangen er vol mee. Beelden en schilderijen. Fantastisch! De huidige Sint Pieter is gebouwd vanaf 1506. De vorige was gebouwd vanaf 326 en dringend aan vervanging toe.[1] In die dagen was de Roomse Kerk vooral in Europa (Columbus was net richting Amerika….) van invloed. Het geloof in die dagen is gebaseerd op angst: de kerk is “de winkel” die door God is aangesteld (de tekst uit Mattheüs). Ieder mens is schuldig, doet zonde naar God. De kerk “beheert” het heil namens God en jij kunt jouw zonden én die van je familie én je voorgeslacht afkopen met aflaten. Je betaalt een bedrag en dat vermindert jouw tijd in het vagevuur of die van je geliefden. Omdat het nooit zeker was of je schuld wel was betaald, bleef de angst bestaan én de noodzaak tot betaling.
Dat heeft de kerk in die eeuwen geen windeieren gelegd en dankzij die bangmakerij is de Sint Pieter zo prachtig geworden. Daar zit de parallel met de bloembolvelden. Prachtig om te zien, maar er zit veel giftigs doorheen. Beide is waar…. Prachtig én een enorme verdraaiing (toen!) van het evangelie. Petrus zou zich omdraaien in zijn graf…. Toch het verhaal maar even proberen te nuanceren en faseren. En laten inspireren…..
Het jaar 312…… Zegen of zondeval voor het christelijk geloof?
Tot 312 is het christelijk geloof één van de vele godsdiensten in het Romeinse rijk. Er zijn tijden waarin christenen zwaar worden gevolgd sinds Petrus sterft rond 64. Er zijn ook tijden dat christenen “rustig” kunnen leven en worden getolereerd. In de eerste eeuwen groeit de kerk als kool. Christenen onderscheiden zich! Ze staan bekend om hun menslievendheid: ze verzorgen – en genezen! – zieken, ze delen brood en geld en goed en helpen armen, ze bezoeken gevangenen. Eigenlijk: ze proberen in hun dagelijks leven de zeven werken van barmhartigheid uit Mattheüs 25 in de praktijk te brengen. Dat geeft hen een enorme aantrekkingskracht in het Romeinse rijk: ze leven vanuit empathie, bewogenheid, die ze hebben van Christus.[2] Ze helpen dus mensen zonder aanzien des persoons, want ze helpen ze omdat ze beeld van God zijn. Dat is in die dagen niet geheel ongebruikelijk – empathie is iets van alle eeuwen – , maar christenen blinken erin uit. Let op: bij die 7 werken van barmhartigheid hoort ook het opvangen van vreemdelingen.[3] Zij zouden niets begrijpen van mensen hulp weigeren. Nu we het tóch over weigeren hebben: ze weigeren (!) dienst in het Romeinse leger: je zult per slot van rekening je vijanden liefhebben en niet doodslaan. Hun levenshouding roept dus zowel bewondering als aversie op. Het dienstweigeren – en het weigeren om keizers als “Heer” – kurios – te zien omdat ze in Jezus hun Heer erkennen, levert regelmatig vervolgingen op. Het bijzondere is dat ze die vervolgingen positief labelen: ze zien het als consequentie van het volgen van Jezus die ook zijn leven gaf ten gunste van anderen. Het is opmerkelijk hoe de kerkgeschiedenisschrijver Eusebius van Caesarea daarover vertelt. Het staat behoorlijk haaks op hoe wij als christenen (tot nu) leven.[4]En dat komt mede door het jaar 312.
In het jaar 312 gebeurt er wat bijzonders. Keizer Constantijn wordt bekeerd tot het christelijk geloof. Van vervolger van Christus wordt de keizer volgeling.[5] En vanaf die tijd is het christelijk geloof niet één van de religies in het Romeinse rijk (al dan niet vervolgd) maar dé religie. Staat en kerk worden een soort van “één”.
Dat heeft grote consequenties. En ook daar zitten weer meer kanten aan. Als eerste biedt het de kerk veel mogelijkheden: géén angst meer voor vervolging, je kunt vrijuit over Christus spreken. Doorgaan met wat je missie is: vanuit je geloof totale medemenselijkheid bieden aan mensen.
Het biedt ook beperking: de keizer wil dat het geloof in het hele rijk hetzelfde is en gaat zich dus met de inhoud van het christelijk geloof bemoeien. Het concilie van Nicea in 325 is daar een voorbeeld van. Tegelijk biedt die beperking ook een verduidelijking: de kerk bestaat uit talloze kleine gemeentes met eigen bisschoppen[6], die allemaal eigen accenten leggen. Het woord bisschop heeft dan nog niet de zware hiërarchische lading die het woord nu wél heeft (paus-kardinaal-bisschop, de RK hiërarchie) maar is eerder een plaatselijke leider van een gemeente. Nu er een concilie (en meer, in totaal 7) wordt gehouden komt er eenheid (met veel ruzie overigens) in wat geloven we eigenlijk over God en Jezus en de Geest. Dat niet alleen: er worden ook keuzes gemaakt welke boeken er wél of niet in wat wij nu de bijbel (nieuwe testament) komen.[7] Dat sluit een heleboel visies uit.[8]
Het betekent óók bijna als vanzelf dat Rome in het geheel van de kerk in Europa en Azië en Noord-Afrika (want dat zijn de plekken waar dan “kerk is”) een een belangrijker plek gaat innemen. Petrus is er gestorven, op diezelfde Petrus wordt de kerk gebouwd zegt Jezus, het is het centrum van het Romeinse rijk…, allemaal ingrediënten die daartoe bijdragen. Het zijn mee ontwikkelingen die ertoe bijdragen dat de bisschop van Rome gaandeweg “paus over de wereldkerk” wordt. In deze periode worden er vier belangrijke kerken gebouwd. We noemen ze “hoofdbasilieken”: de Sint Pieter, Maria de Santa Maggiore, Jan van de Lateranen én Paulus buiten de muren (van het oude Rome). [9] Tot op de dag van vandaag zijn deze kerken zo belangrijk dat in een jubeljaar – iedere 25
jaar – “heilige deuren” in deze kerken worden geopend, je daardoor als pelgrim naar binnen mag en dat een aflaat – daarover straks – oplevert.
In de kerk van Paulus buiten de muren zie je letterlijk en figuurlijk de pauselijke opvolging. Het begint met Petrus, daarna Linus en als je de hele kerk bent doorgelopen en alle pausen hebt gezien, kom je uit bij Franciscus én de huidige Paus, Leo. En er zijn al weer volgende plekjes….. Maar daar heb je het natuurlijk: Petrus en Linus waren helemaal geen pausen…. Petrus is – waarschijnlijk – nooit de leider van de gemeente in Rome geweest, Paulus ook niet. Ze zijn er geweest én ze zijn er gestorven, maar op hun erfenis – op beiden, maar vooral op Petrus en de tekst uit Mattheüs – is de geestelijke macht van Rome gebouwd.
Er gebeurt natuurlijk ook wat anders: waar je eerst een vervolgde minderheid bent, die dienst weigert in het leger, daar is nu de hele staat “christelijk”. Een aanval op de Romeinen, is een aanval op de christelijke staat. En dus (????) gingen christenen in het leger. En ontstond er een innige verbinding tussen kerk en staat. Met alle risico’s van dien. Ben je als kerk nog bezig met het omzien naar de zwakkeren en je daarvoor aan het inzetten? Of ben je nu je aan de macht bent bezig die macht te handhaven en gaat dat dan dus ook ten koste van de zwakkeren? Het is het dilemma dat Jezus zélf schetst in bijv. Lucas 22 en in het Magnificat[10]: Toen ontstond er onder hen onenigheid over de vraag wie van hen de belangrijkste was. 25Jezus zei tegen hen: ‘Vorsten oefenen heerschappij uit over de aan hen onderworpen volken, en wie macht heeft laat zich weldoener noemen. 26Laat dat bij jullie niet zo zijn! De belangrijkste van jullie moet de minste worden en de leider de dienaar. 27Want wie is belangrijker: degene die aanligt om te eten of degene die bedient? Is het niet degene die aanligt? Maar Ik ben in jullie midden als iemand die dient.
Het is de vraag die je tot op de dag van vandaag kunt – en moet! – stellen aan alle politieke partijen die zich beroepen op Christus. Zeker als die partijen aan de macht komen. Voor een christen is de kwetsbare de belangrijkste…..
Er zijn dus mensen die zeggen dat het jaar 312 een zégen was voor het christendom en mensen die het de zondeval noemen.[11] Voor beide valt wat te zeggen. Sterker nog er valt heel veel over te zeggen. Meer dan in dit stuk dat “ter inspiratie” passend is. Ik wil proberen een paar dingen te benoemen
De vertaalslag naar nu
Er zijn veel bittere verhalen over de RK kerk en de macht van de Pausen te vertellen. Na de val van het West-Romeinse rijk verdween dus de Romeinse staat als groot rijk in het westen. De macht van de kérk was gebleven en dus is er een tijd geweest waarin de pausen veel bezig zijn geweest met politiek, met het creëren van macht en aanzien. In de jaren 1076-1122 mondde dit uit in een dieptepunt: de investituurstrijd. Die ging tussen de paus én de wereldlijke heersers over de vraag wie er bisschoppen mocht benoemen. De bisschop was inmiddels vaak een soort “graaf/wereldlijke heerser” geworden. Dat is dus een totaal andere functie dan in de vroege nieuw-testamentische gemeente waar de bisschop een leider was die omzag naar de mensen. Kerk en politiek en macht zijn met elkaar verweven en het angstbeeld van Jezus kwam uit.[12]
Een tweede fenomeen waarmee de RK zich kenmerkt is de hiërarchie. De Paus is de hoogste – plaatsvervanger van Christus op aarde[13] – in rangorde en sinds 1850 kan hij zelfs onfeilbare uitspraken doen. Daarna komen kardinalen, bisschoppen, pastoors enz. En helemaal onderaan de leken…. Ook daar geldt: wie macht heeft, heeft dat alleen uit te voeren als dienaar. Er zijn veel voorbeelden van hoe dat fout is gegaan. Het kindermisbruik uit de vorige eeuw is daar één triest voorbeeld van.
Maar er zitten ook andere kanten aan. Waar het protestantisme zich kenmerkt door meer democratie (een gemeentevergadering is het hoogste beslisorgaan waar alle ambten zijn verzameld) en er daardoor meer veiligheidsfactoren tegen machtsmisbruik zijn ingebouwd en het risico daarop daardoor kleiner is in z’n algemeenheid, blinkt het óók uit in een vreselijke verdeeldheid. Hier in ons land zijn we daar kampioen in….. Iedere geloofsovertuiging/denominatie heeft zo z’n eigen zwakheden en zondevallen. Iets is nooit alleen maar zwart of wit. Dat brengt dat als de Paus wat zegt het wereldwijd impact heeft. Dat lukt geen enkele andere kerkelijke vertegenwoordiger op die manier. Overal op aarde is er kerk, maar vaak klein en alleen plaatselijk met wat invloed. Misschien is dat dus wel een vorm van kerk vóór de zondeval: een kleine, positieve beweging in een plek op aarde. Tenminste…, als het positief is, want dat is natuurlijk lang niet altijd het geval. De kerk vóór de zondeval was ook een imperfecte…..
Maar de paus heeft wél als mogelijkheid om met wat híj (het zal nog heel lang een “hij” blijven, vrees ik. Ook al een dingetje, nou dingetje?) zegt invloed te hebben op machthebbers. Invloed is een vorm van macht zonder dat het direct macht is. Morele macht. Als hij dát ten goede aanwendt, dan maakt hij iets waar van wat Petrus ooit als opdracht van Jezus kreeg: hoedt mijn lammetjes…..
Een voorbeeld van hoe hij dat kan dóen is dat de Amerikaanse paus Leo op de dag dat de VS 250 jaar bestond en hij daar uitgenodigd was bij dhr. Trump – een voorbeeld van macht om de macht – hij op Lampedusa was. Het eiland waar zoveel vluchtelingen belandden in de hoop op een betere toekomst. Daar zullen vást ook mensen bij zitten die “gelukszoekers” zijn (dat zijn we overigens allemaal), maar ook tallozen die elders geen leven hebben. Dan kom je terug op waar christenen voor 312 om bekend stonden….. Om dat standpunt kun je vandaag de dag worden afgebrand, je huis kan beklad worden. Trump zal het de paus vast ook niet in dank hebben afgenomen.[14]
Ze/we stonden bekend om de empathie, de barmhartigheid, die gegrond is in de barmhartigheid van God in Christus. Petrus leefde daarvan, daarin en daardoor. Overal waar mensen dat elkaar barmhartigheid doen – als paus of gewoon als medemens – is dat een levend bewijs dat Christus leeft. In die zin laat de huidige paus ook zien dat christelijk geloof boven iedere vorm van nationalisme uitgaat. Een christen heeft twee paspoorten: één van het Koninkrijk der Hemelen dat geen aanzien des persoons kent en je nationale paspoort. Het eerste is altijd wezenlijker dan het tweede. Petrus noemt daarom de gelovigen in zijn brief “vreemdelingen”[15]. Je kunt staatsburger zijn van het Romeinse rijk, Jood zijn, Griek, maar als gelovige hoor je nog meer bij God. En dat maakt je blijvend tot “vreemdeling” in bijv het Romeinse rijk óf ook het Koninkrijk der Nederlanden en van daaruit ben je betrokken op de wereld om je heen die ten diepste van God is. Met liefde ván en voor Christus als fundament en liefde vóór mensen, de kwetsbaarsten voorop. Paus Leo beseft en verwoordt dat heel goed als hij zegt: ‘Ik zie mezelf als de paus, die toevallig ook Amerikaans is.’ Dat zei paus Leo XIV woensdagavond tegen de Amerikaanse televisiezender NBC op de vraag hoe het voor hem is om de eerste Amerikaanse paus te zijn. ‘Ik zeg dat niet om neerbuigend te doen over wat het betekent om Amerikaans te zijn. Ik ben in de Verenigde Staten geboren en mijn familie leeft nog steeds in de Verenigde Staten. Ik voel een grote liefde voor Amerika. Maar een belangrijke dimensie van mijn zending is om de herder van een universele kerk te zijn en een stem en de mogelijkheid te hebben om tot mensen over de hele wereld te spreken.’[16]
Een gewone vent uit Galilea…, een gewone kerel uit Amerika. Het kan wonderlijk lopen als de Heer en de Geest actief worden.
[1] Voor een kort overzicht van de geschiedenis van de Sint Pieter zie: https://www.st-peters-basilica-tickets.com/nl/st-peters-basilica-history/
[2] Het bijbelse woord in het Grieks is “splangnizomai”. Het betekent “buikpijn krijgen en verdriet voelen als je het leed van een ander ziet en daar wat aan willen doen”. Het komt bijvoorbeeld voor in het verhaal van de Samaritaan: leviet en priester zien de gewonde man liggen. De Samaritaan ziet de man óók liggen én krijgt die buikpijn. Het woord wordt vaak van Jezus gebruikt als Hij naar mensen kijkt. Zie Lucas 10:25-37.
[3] Voor die werken: zie Mattheüs 25:31-46. Eigenlijk leven ze volgens de bergrede, Matth 5-7, met daarin centraal “behandel anderen zoals je zelf behandeld wilt worden”
[4] Eusebius van Caesarea, kerkgeschiedenis (het boek stamt uit de vierde eeuw, vlak na de omwenteling van 312. Je kunt het kopen, lenen bij mij mag ook voor de liefhebber. Je leest verbazende dingen!
[5] https://historiek.net/constantijn-de-grote-de-eerste-christelijke-keizer/58044/
[6] Het woord “bisschop” komt uit het Nieuwe Testament: episkopos (je ziet het woord er wel een beetje in terug). Daar betekent het “opziener”. https://www.debijbel.nl/wereld-van-de-bijbel/kennis-achtergronden/christelijk-geloof/leider-nt-opziener
[7] Dit gebeurde uiteindelijk op het concilie van Hippo (Noord Afrika) in 393; dus “zo oud/zo jong is het nieuwe testament” als geheel. Het is een lang proces van gebed, overleg, ruzie en doordenken op wat de boodschap van het Oude Testament is en hoe het Nieuwe daar een vervolg op is. Daar is heel veel over te zeggen. En daarom gaan we dat hier niet doen, het zou teveel worden.
[8] In de vroege kerk woedt er lang een inhoudelijk gesprek – strijd – tussen de gnostiek en de orthodoxie. De gnostiek gaat uit van twee verschillende goden: een scheppergod, die hemel en aarde heeft gemaakt én de God van Jezus die de ziel/het lichaam moet verlossen van het aardse bestaan met al z’n begeerten, lusten, kwetsuren enz. De orthodoxie gaat uit van dat Schepper God én Verlosser God één en dezelfde zijn. Het gaat er niet om dat de mens verlost moet worden van de aarde en dat het aardse minder is, maar dat het kwade het aardse (en de mens!) dikwijls beheersen. Niet van het aardse maar van het kwade moeten mensen verlost worden en dat heeft Jezus gedaan. De schepping (het oude testament) wordt niet opgegeven als slecht maar juist gewaardeerd als van God komend. En God die naar de schepping komt in het kind Jezus. Alle boeken die uiteindelijk in het Nieuwe Testament terechtkomen hebben die inhoud. In de gnostiek (evangelie van Thomas, Maria Magdalena enz.) ligt dat dus anders. Vandaag de dag is het “esoterisch christendom” het vervolg van de gnostiek.
[9] Een basiliek heeft twee betekenissen. Het is om te beginnen een oude Romeinse architectonische bouwvorm. Zeg ik het heel bot en kort: het heeft iets van een heel groot rechthoekig gebouw als basisvorm. Daarnaast is het in de RK traditie een “belangrijke kerk”. En een hoofd basiliek, is een heel belangrijke kerk.
[10] Lucas 1:46-55
[11] Beroemd boek van GJ Heering: de zondeval van het christendom
[12] https://nl.wikipedia.org/wiki/Investituurstrijd
[13] https://nl.wikipedia.org/wiki/Paus
[14] https://nos.nl/artikel/2621621-amerikaanse-paus-verkiest-migranten-lampedusa-boven-viering-250-jaar-vs
[15] 1 Petrus 1:1, 2:11.
[16] https://www.nd.nl/geloof/katholiek/1325888/leo-xiv-ik-ben-een-paus-die-toevallig-amerikaans-is-maar-voor
Bij de fotogalerij: de tulpen in Noord-Holland:
Twijfelachtige schoonheid Eindeloos mooi: de Pièta van Michelangelo De serie pausen in Paulus buiten de muren: Met als laatsten: Franciscus en Leo met “ruimte voor meer
Daaronder: de heilige deur van Paulus buiten de muren Met Petrus voorop (die nooit Paus werd) Paus Leo op Lampedusa